Angst is normaal
Iedereen is wel eens bang en ervaart daarbij hoe zijn/haar lichaam reageert op angst. Angst hoort bij het leven. Waarom? Omdat angst nuttig is. Het is een mechanisme dat ons helpt om te gaan met gevaar. Je kunt het zien als een alarmsysteem. Als de alarmbel gaat, brengen het zenuwstelsel en het hormoonsysteem het lichaam in staat van paraatheid. Dat gebeurt onmiddellijk en automatisch. We hoeven er niet over na te denken.
We gaan sneller ademen, ons hart gaat sneller kloppen, onze bloeddruk stijgt en we gaan transpireren. Het lichaam bereidt zich alvast voor op actie: vechten of vluchten. Als er direct gevaar dreigt is dat nuttig: er kan direct gehandeld worden. Als er géén direct gevaar dreigt, is die alarmbel heel onhandig. Het lichaam reageert alsof er écht gevaar dreigt. Het maakt zich klaar om handelend op te treden terwijl dat helemaal niet nodig is. Het alarmsysteem is als het ware te scherp afgesteld. Als er geen gevaar dreigt, maar het alarmsysteem gaat wel keer op keer af, is dat erg vervelend en vermoeiend. Dat is wat er bij fobieën gebeurt.
We gaan sneller ademen, ons hart gaat sneller kloppen, onze bloeddruk stijgt en we gaan transpireren. Het lichaam bereidt zich alvast voor op actie: vechten of vluchten. Als er direct gevaar dreigt is dat nuttig: er kan direct gehandeld worden. Als er géén direct gevaar dreigt, is die alarmbel heel onhandig. Het lichaam reageert alsof er écht gevaar dreigt. Het maakt zich klaar om handelend op te treden. Terwijl dat helemaal niet nodig is. Het alarmsysteem is als het ware te scherp afgesteld. Als er geen gevaar dreigt, maar het alarmsysteem gaat wel keer op keer af, is dat erg vervelend en vermoeiend. Dat is wat er bij fobieën gebeurt.
Hoe vaak komt het voor?
Elk jaar kampen zo'n 1,7 miljoen Nederlanders van 13 jaar en ouder met een angststoornis, 560.000 mannen en 1.140.000 vrouwen...
Bij vrouwen komen angststoornissen ongeveer tweemaal zoveel voor als bij mannen. Heel veel mensen hebben ooit in hun leven een angststoornis: ongeveer 25% van de vrouwen en 13% van de mannen. Dat betekent dat één op de vijf Nederlanders ooit in zijn leven een angststoornis krijgt. Vooral specifieke fobieën komen veel voor (7% van de bevolking in één jaar tijd), maar ook sociale fobieën (5%), paniekstoornissen (2%) en agorafobie (2%).
De 'ziektelast' van angststoornissen is enorm. In de berekening van de ziektelast worden verloren levensjaren door vroegtijdige sterfte ten gevolge van de ziekte en verlies aan kwaliteit van leven opgeteld. Op dit moment staan angststoornissen volgens het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) in Nederland op de tweede plaats van ziekten met de hoogste ziektelast, direct na hart- en vaatziekten. Bij vrouwen staan angststoornissen zelfs op de eerste plaats. Angststoornissen vormen dan ook een enorm gezondheidsprobleem.
terug naar overzicht