De eerste 6 minuten zijn van levensbelang! Als je reanimeert totdat de ambulance komt heb je alles gedaan wat je kunt!
Dit is een link naar de pagina waar deze clip op staat. Deze kunt u kopiëren en in een presentatie, digitale les of website plaatsen.
Dit is een stukje code waarmee u de speler met clip in een webpagina kan opnemen. Copieer de code en plak het exact zo in de HTML-code van de pagina.
Deze link is om de clip in een pop-up te tonen, een kleiner venster boven uw pagina. Handig wanneer u de clip niet in de pagina wilt zetten met EMBED.
Wat moet je doen in die eerste zes minuten na een hartstilstand? Dat vraag ik aan Ank van Drent, arts bij de Hartstichting, welkom. Allereerst: waarom zijn die zes minuten zo cruciaal? In die eerste zes minuten kun je ongelooflijk veel doen en dan kun je het verschil maken tussen iemand zijn levenskans of niet. Want ben je begonnen in die eerste zes minuten, dan heb je echt ongelooflijk veel winst behaald voor die andere minuten die nog komen gaan, want de ambulance moet bijvoorbeeld komen. Nou, die heeft gemiddeld al acht of tien minuten nodig, dus je moet echt direct beginnen! Ja, wat moet je allemaal doen in die zes minuten? Je moet het herkennen als hartstilstand en omdat het hart stilstaat, reageren de hersenen niet meer, want er wordt geen bloed meer rond gepompt. En mensen zijn bewusteloos en ze ademen niet, of ze ademen niet normaal, dus… Ja, dus je moet luisteren of iemand ademt? dat moet je even testen. Hè, dat je het zeker weet. En dan zeg je: “nou, reanimatie”, en dan moet je 112 bellen. Altijd, als eerst? En vragen om een ambulance en je moet je adres noemen en alles, en zeggen: “ik moet reanimeren!” of het is een hartstilstand!, gebruik die woorden. En dan, nou, dan begin je met hartmassage en beademingen. En het is het mooiste als al heel snel zo’n defilibirator komt, daar komen we zo ook nog op, want die zijn er steeds meer, dat heb je ook al gezegd in het land, en die worden ook vaak al mensen gestuurd vanuit de 112 Centrale met zo’n AED. En dan is het helemaal toppie als je binnen die eerste zes minuten én reanimatie én bijvoorbeeld zo’n schok hebt gegeven. Precies. Nou, er ligt daar een pop, die heeft u meegenomen, en het AED-apparaat, laten we, ja, wilt u laten zien hoe dat dan werkt? Ik ga het laten zien! Ja. Want stel: we vinden deze persoon op de grond… We vinden die persoon. …Of dat gebeurt vlak voor je neus; wat dan? Dan denk je: “wat is er aan de hand?”. Nou, geen reactie. En dan moet ik nog testen of er nog spontane ademhaling is, dat moet je ongeveer tien minuten doen, of tien seconden, sorry, dan doe ik nu iets… Ja, ik wou net zeggen, dan zijn we te laat! Is er geen reactie en geen normale ademhaling, en dan vraag ik iemand: “nou, blijf erbij, je kan behulpzaam zijn en ga 112 bellen!”, bij voorkeur, want als je dat iemand kunt laten doen, dan kun je zelf gelijk beginnen. Dan kun jij hier blijven? Dan zet ik tegen de bovenarm van het slachtoffer, en ik zet mijn hand, een gedeelte van mijn hand, hier middenop het borstbeen. En ik houd mijn vingers vrij ervan, want ik moet alleen op dat borstbeen duwen en dan duw ik loodrecht naar beneden. En hoe vaak doe je dit? 30 keer, in dit tempo. Dat is dus iets meer dan één keer per seconde. En nou smokkel ik een beetje, 28, 29, 30. Dan ga ik twee keer beademen. Twee keer lucht erin blazen? Ja. Dan komt er zuurstof bij. En dan ga ik weer door met die hartmassage. En hoe vaak doe je dit dan? Nou, zo lang als het nodig is! Misschien dat er iemand bijkomt… Maar je hoopt natuurlijk, dat er zo snel mogelijk zo’n AED-apparaat ter plekke is? Ja, dat er iemand met de AID komt. En nou, dus nu ga ik dan weer, nu moeten we het allemaal zelf doen, want ik heb hier een AED-trailer meegenomen, dus dan ga ik die starten en dan vraag ik of jij er dan even de hartmassage overneemt? Moet ik dit even overnemen? Dus als er iemand in de buurt is… Ja, want het moet wel doorgaan! Okay. Precies middenop de borstkas. Okay, en hoe werkt dat dan, want je kan zo’n apparaat gewoon van de muur afrukken? Ja. Ja, die AED, die vertelt precies wat je moet doen. Trek de bovenkleding van patiënt uit. Nou, even, trek de bovenkleding uit. Ja, en dan ga je door met hartmassage. Maar dat is handig hè, want de stem loods je er helemaal doorheen? Daar ga je mee door. Ja, precies, die vertelt alles. Oh, ik ga door. Ga maar door, want je moet het niet loslaten. Nee. Trek aan de rode hendel om de zak te openen. Je ziet een blauw plastic van elektroden. Precies. Die plak ik op en dan… Zo stop je met… En je zet elektrode A… Ga maar door met je hartmassage. Drukken. En ondertussen gewoon doorgaan? Ja hoor! Ik plak ze op. Ja? En dan komen er schokken uit het apparaat? En dan gaat het… Trek de bovenkleding van patiënt uit. Oh, dat hadden we al gehad. Ja, die zet ik… Raak de patiënt niet aan. “Nu moet je loslaten”, dat zegt de AID. Ik ben bezig met evalueren van het hartritme. Nou kijkt ie door die plakkers wat er nou aan de hand is. Even wachten alstublieft. Maak zich gereed een schok toe te dienen. Oh, nou. Houd afstand! Het is nodig om een schok… Druk op de knipperende knop. Dus die knipperende knop op het apparaat? Ja. Schok toegediend! Raak de patiënt niet aan! Weer loslaten. Nu gaat ie weer kijken wat er aan de hand is. Ik ben bezig met evalueren van het hartritme. Nu zet ik ‘m even uit, want anders krijgen we heel veel opdrachten nog meer, maar je moet alleen maar doen wat die AED zegt. Je wordt er helemaal doorheen geloodst? Ja. En als ie zegt: “ga reanimeren”, ga je verder met de reanimatie. En op een gegeven moment komen de ambulancezorgverleners en die zeggen: “nou mevrouw, dat doet u goed, die hartmassage, doe dat vooral, doe dat verder!” en dan gaan zij bijvoorbeeld de beademingspijp erin doen en een infuus, en medicijnen. Tot zij zeggen: “nu moet u stoppen”.